Home >>> welkom!‎ > ‎

Geschiedenis

Poldermolen Rispens (voor de verplaatsing).
 
Molen Rispens is gebouwd in 1821 door Arjen Gerbins Timminga, mtr. molenmaker tot Oosterend. Op 27 november 1821 sloeg de molen het eerste water uit.Een rietgedekte muonts op een stenen onderstuk en met een met vertikale planken gedekte kap. De roeden zijn oudhollands opgehekt en hebben een vlucht van 12,52 meter. In 1943 had de molen een houten bovenas en houten roeden met een vlucht van 13,20 m voorzien van oudhollandse ophekking. In dat jaar was de kap met zink gedekt. In 1943 werd de molen onderhouden door molenmaker H. Westra uit Franeker, verkeerde toen in een goede staat en was geregeld in gebruik. Rispens bemaalde tot 1964 de Rispenserpolder (polder Bouma, polder 370) groot 145 ha. In 1979 heeft de molen een gelaste stalen binnenroe, de houten buitenroe is gebroken en is verwijderd.
De molen was uitgerust met een houten schroef in een houten schroefbak, schroefdiameter 1,34 m. In 1943 was de opvoer-hoogte 1,40 m en het waterverzet 925 m3/uur. In 1964 kwam er door de bouw van een elektrisch gemaal, een einde aan de windbemaling van de Rispenserpolder.
 
In 1832 stond op deze plaats een molen, eigenaar was Ate Sjoerds IJpma te Oosterend. De grootte van het perceel was 340 m2. In 1943 was Th.J. Bouma te Sneek eigenaar en molenaar was A.J. Bouma uit Oosterend. In 1957 was A.J. Bouma te Hidaard eigenaar en in 1966 verkocht aan de gemeente Hennaarderadeel, thans Littenseradiel. Bij de overdracht aan de gemeente waren eigenaar van de molen: R. van Wijngaarden uit Sneek, J. Heeg uit Leeuwarden, Y.T. Vellinga en F. Jellema uit Hidaard, zij droegen de molen voor f.5 735 over. De molen-pole was in eigendom van S.Bouma-Sjaarda, ook zij droeg haar deel aan de gemeente over voor f. 289.
 
In de winter van 1965/66 brak door ijzel en harde wind een roede af, in de daarop volgende winter verloor de molen ook zijn tweede roede tijdens een storm. In 1967 stelde de gemeente f.6500 beschikbaar voor restauratie. Rispens verloor bij een storm eind september 1973 opnieuw een roede. In 1992 is het achtkant in plastic verpakt, de kap en het gevlucht lagen in de Gemeenteopslag te Wommels. De as was opgeslagen in Sneek. Deze as bestaat uit een gegoten askop en pen en een uit vier segmenten samengeklonken tussenstuk. In de askop staat gegoten: J.H. Westra - Franeker 1916. In de molen hangt een bord voor met een lang gedicht. In 1994 is de molen gerestaureerd en tevens naar een betere standplaats verplaatst. Rispens komt voor op de stafkaart van 1854 en de waterstaatskaart van 1874. Standplaats 900 m ten zuid-zuidwesten van de kerk, in de Rispenserpolder onder Hidaard.
 
De molen nog op zijn oude standplaats in goede staat tijdens de jaren 60
 

Poldermolen Rispens (na de verplaatsing).

Een rietgedekte muonts op een stenen onderstuk en met een rietgedekte kap. De roeden zijn oudhollands opgehekt en hebben een vlucht van 12,74 m. In 1995 is de molen uitgerust met een sleepkruiwerk op 16 neuten, een kruirad (6 spaken), een Vlaamse vang met duimophanging met vangstok, een houten buitenroe en een stalen binnenroe, een gietijzeren askop met een geklonken stalen middenstuk van J.H. Westra Franeker 1916 en een houten schroef met een diameter van 0,98 m in een houten schroefbak.
In 1994 is de molen gerestaureerd en tevens naar een betere standplaats verplaatst. De restauratie is uitgevoerd door de Sneeker Werkgemeenschap Waghenbrugge, en het rietdekkerswerk door de firma Kleinjan den Ham. De molen is weer aangesloten op de Friese boezem en maalt sindsdien weer op vrijwillige basis. De restauratiekosten lagen rond f.300.000. Bij de restauratie van 1994 werd een tweedehands houten buitenroe gestoken afkomstig uit een spinnekop te Ossenzijl.
Op 4 mei 2007 werd een nieuwe houten (billinga) buitenroe gestoken met een lengte van 13 m. Deze roe werd vervaardigd (en gestoken) door molenmaker Hiemstra bv uit Tzummarum.

De Rispensermolen vlak na de verplaatsing in 1994
 
Met dank aan Willem Entrop voor de tekstuele bijdrages
 
Comments